McKenzie therapie

Deze therapie voor aspecifieke rugklachten is in de jaren vijftig ontwikkeld door Robin McKenzie, een fysiotherapeut uit Nieuw Zeeland.

Voor 80% van de aspecifieke rug- en nekklachten is geen duidelijke oorzaak aan te geven. Dit feit leidt heden ten dage tot grote verwarring in de medische wereld. Men is naarstig op zoek naar de pathologisch-anatomische verklaring van één van de meest frequent voorkomende aandoeningen in de westerse wereld.

Het zijn deze aspecifieke rug- en nekklachten waar het McKenzie Concept zich mee bezig houdt. Zowel voor diagnose als therapie gebruikt McKenzie echter geen pathologisch-anatomisch model maar een ander classificatie model, gebaseerd op de symptomatologie van de patiënt.

Bepaal welke mechanische factoren van invloed zijn op het klachten patroon van de patiënt en stel daarna vast welke oefeningen en adviezen voor het dagelijks leven van de patiënt gegeven kunnen worden.

Doel van deze benaderingswijze is de patiënt onafhankelijk van therapie en therapeut te maken, en de kans op recidieven aanzienlijk te verkleinen. De zelfwerkzaamheid van de patiënt staat hierbij centraal.

De McKenzie therapie is grotendeels "hands-off" voor de therapeut. Slechts indien de patiënt het niet meer alleen kan, zal de therapeut gerichte therapeutische technieken gebruiken.

Bron: Mc Kenzie Nederland